Een leegstaand huis (nummer 17) wordt tijdelijk bewoond door een aantal ongure personen van een bende die net een juwelenroof hebben gepleegd. Detective Barton (John Stuart) is de dieven op het spoor en ontdekt de schuilplaats van de bende. In het huis vinden allerlei mysterieuze zaken plaats. Die leiden uiteindelijk tot een climax en ingewikkelde ontknoping van het verhaal. Dit is een van Hitchocock's vroege films, waarin toch al duidelijk de hand van de meester te zien is.
Ondanks hun verschillende achtergronden zijn visser Pete en advocaat Philip al lange tijd vrienden. Pete wil met Kate trouwen, maar Kates vader wil geen arme visser als man voor zijn dochter. Pete verlaat het eiland waar hij woont om eens goed erover na te denken en vertrouwt erop dat Philip op Kate zal passen. Maar Philip heeft ook een oogje op Kate.
Een arm meisje probeert op oudejaarsavond lucifers te verkopen. Rillend van de kou en niet in staat haar spullen te verkopen, zit ze in een beschut hoekje. Ze steekt een lucifer aan om warm te blijven en ziet dingen in de vlam.
Boer Sweetland is een enorme eenzame, oude man. Hij is vastberaden om weer opnieuw te trouwen en hij roept daarvoor de hulp in van zijn huishoudster Minta, om een vrouw uit te zoeken in lokale omgeving.
Een moeder gaat met haar melancholische zoon op pelgrimstocht om troost te zoeken bij het Madonna-beeld en probeert daarmee het gebroken hart van de zoon te genezen.
Een jongeman wordt door een klein dorp tot dominee gekozen. Als onderdeel van zijn taken moet hij trouwen met de weduwe van de predikant vóór hem. Dit levert twee problemen op: ten eerste is de weduwe oud genoeg om zijn grootmoeder te zijn, en ten tweede is hij al verloofd met een andere vrouw.