Bonn, West-Duitsland, 1974, midden in de Koude Oorlog. De jonge regeringsfunctionaris Sophie Zimmermann wordt opgejaagd en de enige manier om te overleven is door de identiteit te achterhalen van de man die ze kent als Dieter.
De 13-jarige Rosa verhuist samen met haar 8-maanden oude halfbroertje en haar moeder naar Groningen om bij haar nieuwe stiefvader in te trekken. Ver weg van haar vrienden, op een nieuwe school en in een onbekende omgeving worstelt zij met haar onzekerheid, haar stiefvader en haar alter ego Rooz. Wat ze ook probeert, haar problemen lijken steeds groter te worden. Hoe zal zij dit overleven?
Wanneer een man, nieuw in Ierland, dakloos wordt en een slaapplaats nodig heeft, neemt hij in het geheim zijn intrek in het huis van een oudere, blinde vrouw, wat ertoe leidt dat ze een unieke band vormen.
William en Olga krijgen onverwacht de diagnose dat hun enige dochtertje Sandra (6) lijdt aan MLD, een zeldzame spierziekte. Ze heeft nog ongeveer een jaar te leven. De wereld van het gezin stort in elkaar. De vader weigert de hoop op te geven en gooit zich in een verbeten strijd tegen de farma-industrie.
Volledig depressieve dertigjarige vrouw besluit een abortus te ondergaan. In afwachting van de operatie brengt ze een nacht door bij een vader van haar kind.