Na hun eerdere samenwerking in Klute, ontmoeten Jane Fonda en Donald Sutherland elkaar opnieuw op luchthartiger wijze in dit grappige, ongedwongen verhaal van schrijver David S. Ward en producers Tony Bill en Michael en Julia Philips, het team achter de winnaar van de Academy Award® voor Beste Film van datzelfde jaar, The Sting. Fonda speelt Iris, een blijmoedig hoertje dat grote namen uit het stadsbestuur tot haar betalende clientèle mag rekenen. Maar ze is trouw aan de onafhankelijke, voorwaardelijk vrije Jesse Veldini (Sutherland), die staat te trappelen om zijn carrière als coureur in de autosloopraces weer op te nemen. Veldini's terugkeer zou de herverkiezingscampagne van zijn ambitieuze broer (Howard Hesseman) als officier van justitie, wel eens kunnen schaden – en dus worden er stappen ondernomen om de ex-bajesklant in het gareel te houden. Peter Boyle, John Savage en Gary Goodrow schitteren eveneens in dit doldwaze en hartverwarmende verhaal.
Lucky Kunene is een ongeschoolde tankstationsbediende uit de sloppenwijken van Soweto, Zuid-Afrika. De apartheid is net afgeschaft en de jongen ziet een nieuwe wereld opengaan.
Claude is een meedogenloze freelance huurmoordenaar. Hij krijgt een lucratieve opdracht aangeboden door een belangrijke criminele bende, die een probleempje heeft met een getuige.
Speciaal agent Niklas Saxlid gaat undercover bij een blanke maffiaorganisatie in West-Zweden nadat ontdekt wordt dat ze in de achterkamers van een MMA-studio in wapens handelen. Maar bendeleider Ramzan denkt al snel dat er een mol is en laat de verdachten opsluiten.
Een corrupte politiecommissaris geeft opdracht tot de moord op Paul Cain, een stoere maar meelevende rechter die op het punt staat duistere intriges met de politie te ontrafelen. Kaïn sterft echter niet: vreselijk misvormd, na de poging tot moord, verbergt hij zich achter een masker; Niet alleen zijn identiteit geheim houden, maar ook het feit dat hij nog leeft, zelfs voor zijn familie. Cain houdt toezicht op de bewegingen van criminelen, politie en rechtbanken. Met de hulp van Rae Wong, een ex-veroordeelde elektronica-expert, controleert Cain de situatie en komt hij onder dekking van de duisternis uit zijn schuilplaats om de onschuldigen te beschermen en een minimum aan gerechtigheid te doen.
Wanneer de atheïstische tirades van de Iers-Amerikaanse auteur James Mulcahy de inwoners van het Ierse dorp waar hij zich heeft teruggetrokken, van streek maken, wordt hij door een menigte bedreigd. Maar kort nadat hij God heeft uitgedaagd hem te doden, verschijnt er een vreemdeling die dat ook doet. De man, door de pers "Johnny Nobody" genoemd, beweert niets van Mulcahy of zelfs maar van zichzelf te weten. Hij vraagt de hulp van de dorpspastoor, pater Carey, in zijn aanstaande proces voor de moord op Mulcahy. Terwijl de aan geheugenverlies lijdende Johnny terechtstaat, overpeinst pater Carey de geloofsvragen die de zaak oproept. En dan komt de goede vader iets meer te weten over Johnny Nobody...
John Allen Muhammed en de jonge Lee Boyd Malvo rijden in een blauwe Chevrolet Caprice door de stad Washington en omgeving. Op willekeurig uitgekozen plaatsen stoppen ze, nemen ze argeloze slachtoffers in het vizier en slaan toe. Na een paar doden houden ze de hele stad in hun greep. Detective Harper geeft leiding aan de politiemacht die vrijwel zonder aanwijzingen haar klopjacht in moet zetten op de sluipschutters. Gebaseerd op de zaak van de sluipmoorden rond Washington in oktober 2002.