In de niet al te verre toekomst, waar een dodelijke ziekte de wereld in zijn greep heeft, is Arcadia gebouwd als een veilige, ziektevrije haven voor de bevoorrechten. Buiten Arcadia duurt de gemiddelde levensduur slechts 40 jaar – tenzij ze een plek in de elite veroveren.
Het verhaal draait om Billy, een verwijfde fan van vintage sciencefiction-actiethrillers. Zijn enige vriend is Cameron, een nerdy filmfanaat die zijn zelfvertrouwen probeert op te krikken wanneer hij maar kan. Nadat Billy een UFO heeft zien landen, trekt hij zich terug in zijn hoofd, terwijl hij zich voorstelt dat buitenaardse wezens de stad overnemen. Cameron is sceptisch, net als de rest van de stad. Ondertussen beginnen er mensen te sterven. Eerst wordt de teruggetrokken kattendame, Percis, verminkt ontdekt door Lester, de kerkgaande echtgenoot van Carolyn, de depressieve verzorger van Percis. Al snel volgen willekeurige sterfgevallen, eerst een jogger en daarna een conciërge in het Carbonics Warehouse. Een paar nieuwsverslaggevers delen deze informatie met het publiek terwijl de rechercheur en zijn chef de moorden proberen op te lossen.
De 13-jarige Tony Johnson, een computer virtuoos, wordt valselijk beschuldigd van brandstichting op zijn school. Hij wordt met Kerstmis naar zijn grootouders gestuurd. Tony's grootvader vindt dingen uit. Hij heeft een spel ontworpen genaamd "The Time Game"...
Ergens in de nabije toekomst bestaat 'De Arena'. Hier kunnen mannen met een 'agressie-gen', waarmee ze niet verder willen leven, worden toegelaten om hun euthanasiewens in vervulling te laten gaan. Door middel van gevechten op leven en dood, rechtstreeks uitgezonden op de commerciële sportzender, wordt het leven vroegtijdig beëindigd. Temmink, een van de gladiatoren, weet het eerste gevecht te winnen, sluit vriendschap met een collega en wordt bovendien verliefd op een van de meisjes van vermaak. Hij groeit uit tot een nationale held en verliest de wil om te sterven. Maar eenmaal toegelaten tot 'De Arena' is er geen weg terug...