Vlak voor de Tweede Wereldoorlog hielp een uitzonderlijke reddingsoperatie de jongste slachtoffers van de Nazi-terreur. Tienduizend joodse en andere kinderen werden getransporteerd van Duits bezette landen naar pleeggezinnen en tehuizen in Groot-Brittannië. Sommigen bouwden nieuwe familiebanden. Sommigen ondergingen de Blitz. Sommigen sloegen erin, verbazingwekkend genoeg, hun eigen ouders te redden uit Hitler's klauwen. En allemaal hebben ze onvergetelijke verhalen te vertellen. Van Mark Jonathan Harris, schrijver/regisseur van de Oscar-winnende The Long Way Home, en producer Deborah Oppenheimer (wiens moeder één van de 10.000 kinderen was) komt deze schitterende Oscar-winnende documentaire gevuld met zeldzame archiefbeelden en pakkende herinneringen van de overlevende kinderen, redders en ouders van het heroïsch Kindertransport.
Toen Apollo-astronaut Gene Cernan in december 1972 op de maan landde, graveerde hij zijn voetafdrukken en de initialen van zijn dochter in het maanstof. Nu is hij klaar om zijn epische maar ook diep persoonlijke verhaal van prestatie, liefde en verlies te delen.
Hajo wil naar zee als scheepsjongen op het schip van schipper Bontekoe. Zijn moeder, die haar man op zee heeft verloren, doet er alles aan om hem aan wal te houden, maar de roep van de zee is te sterk en Hajo's aanwezigheid op het land brengt niets dan ellende. Padde, het onhandige vriendje van Hajo, kan geen afscheid van hem nemen. Hij springt vlak voor het vertrek aan boord en er wordt besloten dat hij meereist tot Harlingen, waar ze buskruit in moeten laden. Daar zal Padde met een tjalk mee terug naar Hoorn varen. Padde valt echter in slaap en wordt pas wakker als ze al op zee zijn. Aan boord sluiten Hajo en Padde vriendschap met Rolf, een jongen die al kan lezen en schrijven. Op hun tocht naar Oost beleven ze samen met schipper Bontekoe veel spannende avonturen.
De Joodse zussen Helene en Martha begeven zich in de jaren 20 van de vorige eeuw in het bruisende leven van Berlijn. Terwijl Martha zich verliest in het wilde uitgaansleven, wil Helene geneeskunde studeren en arts worden. Ze werkt als apothekersassistent als ze Karl ontmoet, de liefde van haar leven. Terwijl ze dromen over een toekomst samen, rukt het naziregime op en komt Karl plotseling om het leven. Gebroken van verdriet herpakt Helene zich en ontmoet Wilhelm, die smoorverliefd op haar is. Wilhelm helpt haar wanneer hij achter haar afkomst komt, maar langzaam verandert zijn houding en blijken hun opvattingen sterk te verschillen. Ze krijgen samen een zoon, die Helene grotendeels alleen opvoedt. Het moederschap valt haar zwaar en ook het verloochen van haar afkomst kost haar steeds meer moeite. Wanneer de oorlog ten einde is, neemt ze een rigoureus besluit.
Germaine is 18 jaar in 1971. Ze woont in een arbeiderswijk in de Kempen en droomt van een beter leven. Dan breekt een wilde staking uit op de fabriek van haar vader die 9 weken zal duren en het leven van alle betrokkenen drastisch zal veranderen.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt een groep geallieerden op een missie gestuurd om informatie te verzamelen uit een geheime nucleaire bunker die bezet wordt door nazi-Duitsland. Bij aankomst lijkt alles verlaten, maar tijdens hun zoektocht ontdekken ze dat de nazi's besmet zijn geraakt door hun eigen kernproeven en zijn veranderd in bloeddorstige zombies. De soldaten worden gedwongen om iedereen te doden om te kunnen ontsnappen, terwijl ze tegelijkertijd proberen zelf niet besmet te raken.
Boer Wortel is al zijn hele leven lang slachtoffer van de ene tegenslag na de ander. Desondanks vindt hij steeds de kracht om opnieuw op te staan en de vreugde in het leven terug te vinden. Terwijl hij zich door al deze ellende heen slaat beitelt hij lustig verder aan een houten beeld van Jezus, een meesterwerk in wording.
Hoewel sake de nationale Japanse drank is en ook daar buiten steeds populairder is geworden, wordt de al 2000 jaar oude drank nog steeds met veel mysterie omringd. Tedorigawa, gelegen in het noorden van Japan, wordt beschouwd als een van de beste sake-brouwers van het land.
In het begin van de 14de eeuw staat Vlaanderen onder Franse voogdij. In West-Vlaanderen zijn hiertegen opstanden ontstaan. Vooraanstaande Fransen komen de oude graaf van Vlaanderen vragen zich naar de Franse koning te begeven en zich te onderwerpen. Hij vertrekt en wordt gearresteerd. Wanneer kort daarna Fillips De Schone een bezoek brengt aan Brugge, wordt hij maar koel ontvangen. De bevolking wordt opgehitst door de oude deken van de weversgilde, Pieter De Coninck, en ook Jan Breydel laat zich niet onbetuigd. Intussen oefent de Franse edelman Jacques de Chatillon een waar schrikbewind uit in Brugge. De opstandelingen verlaten de stad. Franse soldaten vergrijpen zich aan de achtergebleven families: de moord op moeder, de broer en de zus van Jan Breydel gooit olie op het vuur. De Vlamingen nemen wraak op de Fransen. Als koning Filips dat verneemt, stuurt hij een leger naar Vlaanderen om de rebellie de kop in te drukken. De Vlamingen verzamelen zich en wachten de strijd af.
Vader Van Paemel is boer op de hoeve van baron de Wilde. Tijdens een mondaine jachtpartij op het landgoed van de baron wordt de zachtaardige Désiré Van Paemel zo zwaar gekwetst dat hij invalide blijft.
Tegen de achtergrond van het landelijke Duitsland in het midden van de 19de eeuw overwegen veel bewoners van dorpen en steden, geplaagd door honger en armoede, om naar het verre Zuid-Amerika te emigreren.