Een jonge arbeider die een verhouding heeft met een schoonheid uit de hogere klasse, Adelaida, wordt door het Spaanse leger opgeroepen om te vechten in de Cubaanse Onafhankelijkheidsoorlog. Nadat Adelaida een ongewone mededeling ontvangt over de dood van haar minnaar in de strijd, weigert ze het verlies van haar geliefde te geloven. Haar klassebewuste familie, geleid door haar jaloerse zus Maria, gelooft dat Adelaida haar verstand heeft verloren en plaatst Adelaida in een krankzinnigengesticht. Adelaida blijft echter leven volgens haar overtuigingen van passie en vrijheid. Medegedetineerden vertellen haar over de bosnimfen die het aangrenzende bos bewonen. Adelaida is ervan overtuigd dat deze nimfen haar naar haar geliefde en het geluk zullen leiden.
De getrouwde Mathieu treft onverwacht zijn ex-minnares Charlotte aan op de stoep. Deze vertelt hem dat ze haar vriend vermoord heeft. Mathieu besluit haar te helpen en hun romance bloeit opnieuw op.
Om te ontsnappen aan de eentonigheid van het werken in een fabriek, brengt een jonge vrouw haar avonden door in een danszaal, in het gezelschap van drie vrienden en verschillende romantische partners.
Zaman, een geharde flik van de stedelijke opsporingsdienst, heeft niet alleen moeilijkheden op professioneel vlak maar ook op familiaal vlak. In een poging de problemen op het thuisfront te vergeten, stort hij zich op zijn werk. De zaken lopen echter anders dan Zaman had gehoopt: hij krijgt een nieuwe partner toegewezen en verliest daardoor zijn greep op het onderzoek. Bovendien wordt zijn nieuwe collega verwond door enkele criminelen na een beoordelingsfout van hem. Zaman beseft dat hij zich moet herpakken en besluit de zaken anders aan te pakken. In een nieuw onderzoek tracht hij dan ook niet alleen de kleine garnalen maar ook de "grote vis" binnen te halen.