Op een zonnige dag in de Efteling besluiten de neven het Land van Laaf te bezoeken. Wat op het eerste gezicht een idyllische gemeenschap lijkt, waarin eenvoud en familie centraal staan, verandert al snel in een verontrustende gevangenis. Langzaam worden de neven meegezogen in de duistere spiraal van het verhaal van het Volk van Laaf. Een ontsnapping lijkt steeds verder weg.
Wanneer Daan na lange tijd zijn neven weer opzoekt, vertellen ze enthousiast over hun dag in de Efteling. Maar wanneer ze zeggen dat ze alleen maar in het Land van Laaf zijn geweest, bekruipt Daan een beklemmend gevoel dat er iets niet klopt, alsof zijn neven iets verzwijgen, of erger nog, alsof ze er nooit echt zijn weggegaan.